Levenscyclus van Plutella Xylostella

Het begrijpen van de levenscyclus van de koolmot is cruciaal voor effectieve bestrijding. Elk stadium van de levenscyclus biedt een mogelijkheid voor interventie en beheersing. Hieronder beschrijven we de vier stadia van de levenscyclus van de koolmot. De levenscyclus van de koolmot omvat vier stadia:

  1. Ei: De cyclus begint wanneer een vrouwelijke koolmot eieren afzet, meestal aan de onderkant van koolbladeren. Deze eieren zijn klein, ovaal en van een bleekgele kleur.
  2. Larve (rups): Na enkele dagen komen de eieren uit en verschijnen er kleine groenachtige rupsen. Deze rupsen zijn de primaire schadefase voor kruisbloemige gewassen. Ze voeden zich met de bladeren en creëren karakteristieke schade in de vorm van gaten.
  3. Pop: Na voldoende gevoed te zijn, zal de rups een popstadium ingaan. De rups spint een dunne zijden cocon voor zichzelf, vaak aan de onderkant van een blad of in een spleet in de plant. Binnen deze cocon ondergaat de rups een metamorfose.
  4. Volwassen (mot): Na de popfase, komt een volwassen koolmot tevoorschijn. Deze motten zijn grijsbruin van kleur met een kenmerkend patroon op hun vleugels. De volwassen motten zijn nachtactief en worden vaak aangetrokken door lichten.
Neem contact op
PheroPlutella™

Feromonen

Feromoon voor Koolmot

SemeonPro® Deltatrap

Vallen

Val voor vlinders en motten

Lepinox® Plus

Gewasbeschermingsmiddelen

Biologisch bestrijdingsmiddel voor het bestrijden van rupsen

Koolmot Bestrijden en Monitoren

Het tijdig waarnemen van de koolmot is van groot belang. Een vroege detectie geeft u de mogelijkheid om proactief te handelen en gepaste bestrijdingsstrategieën te implementeren. Hiervoor heeft HortiPro PheroPlutella™ ontwikkeld. Dit feromoon lokt zowel mannelijke als vrouwelijke motten. Zodra de eerste motten worden waargenomen kan men beginnen met een passende bestrijdingsmethode.

Bestrijdingsstrategie

Monitoring

Voor het signaleren van de koolmot adviseren we:

  • 10 HortiPro deltavallen met PheroPlutella™ feromoon per ha voor signalering.
  • 20 HortiPro deltavallen met PheroPlutella™ feromoon per ha voor monitoring (volgen populatie ontwikkeling).
  • Meer dan 25 HortiPro deltavallen met PheroPlutella™ feromoon per ha voor intensieve monitoring.

Werkwijze

Volg deze stappen voor een effectieve monitoring en bestrijding van de koolmot:

  • Plaats de HortiPro deltavallen met PheroPlutella™ feromoon in uw gewas. Het aantal vallen hangt af van uw doel: 10 per ha voor signalering, 20 per ha voor reguliere monitoring en meer dan 25 per ha voor intensieve monitoring.
  • Controleer de vallen regelmatig. De lijmbodem in de deltatrap zal afhankelijk van de druk van de motten eens per drie á vier maanden vervangen moeten worden. Bij een hoge plaagdruk is dit één keer per maand.
  • Verwijder dode motten één keer per week van de lijmbodem. Dit is belangrijk omdat de geur van dode motten door andere motten geassocieerd wordt met gevaar.
  • Vervang het PheroPlutella™ feromoon na 6-8 weken, of eerder in warme periodes (4-6 weken).
  • Als de eerste motten worden waargenomen, begin dan met een passende bestrijdingsmethode.

Werking

De HortiPro deltaval heeft aan beide kanten een klep. Door de luchtstroom verdeelt het feromoon zich beter door de ruimte. De lijmbodem in de deltatrap zal afhankelijk van de druk van de motten eens per drie á vier maanden vervangen moeten worden. Bij een hoge plaagdruk is dit één keer per maand. Belangrijk is dat de dode motten één keer per week van de lijmbodem verwijderd worden. Andere motten associëren de geur van dode motten met gevaar, wat helpt om verdere besmetting te voorkomen. Het PheroPlutella™ feromoon heeft een gemiddelde werkingsduur van 6-8 weken, maar in warme periodes kan dit teruglopen naar 4-6 weken.